Antwerpen – Wie een hypothecair krediet aangaat, houdt best rekening met de totale werkelijke woonkosten. Dat is één van de conclusies uit het onderzoek dat projectontwikkelaar Immpact uit Antwerpen samen met de KU Leuven opzette rond de financiering van vastgoed.

Philippe Janssens, CEO Immpact: “De totale woonkost moet meer in rekening gebracht worden bij het aangaan van een hypothecaire lening.”

Het onderzoek van Immpact en de KU Leuven wijst erop dat de werkelijke woonkost veel meer is dan enkel de initiële afbetalingslast. Afhankelijk of het om een huis, een appartement, een oud pand of een nieuwbouw gaat, kan zowel de energie- als renovatiekost enorm verschillen. 

Aard van vastgoed is medebepalend voor verbruiks- en renovatiekosten

Sinds de financiële crisis van 2008 zijn de banken strenger geworden voor woonkredieten. Voor het bepalen van het risico en bijgevolg de hypothecaire rentevoet wordt vaak gekeken naar het leenbedrag ten opzichte van de woningwaarde en de initiële afbetalingslast ten opzichte van het maandloon.
Sven Damen, onderzoeker KU Leuven: “Belangrijk om weten is dat de aard van het vastgoed dat men koopt ook bepalend is voor de verbruikskosten of toekomstige renovatiekosten. Zo is er een merkbaar verschil tussen appartementen en woningen, maar ook tussen bestaand vastgoed en nieuwbouw.” 

De koper houdt dan ook best rekening met de verwachte verbruikskosten en toekomstige renovatiekosten bij het aangaan van een hypothecair krediet. “Wie een nieuwbouw koopt, heeft al vlug 10 procent minder woonkosten, dan wie in een huis woont dat dateert van voor 2000. In een relatief compact en nieuwbouw appartement bespaar je zelfs jaarlijks 450 euro of meer op verwarmings- en elektriciteitskosten in vergelijking met een huis dat al 20 jaar of ouder is. Het zou voor heel wat jonge gezinnen een verschil kunnen maken als banken daar meer rekening mee zouden houden”, concludeert Philippe Janssens.